Leg, base, leg
Vier soorten, en waarom de naam ertoe doet
De twee legs bepalen hoe de zone heet, en dat is geen etiket maar de reden dat je er wel of niet op handelt.
Fresh tegen tested
Dit is de regel waar het bij de meeste mensen misgaat. Een zone is fresh zolang de koers er sinds het ontstaan niet is teruggeweest. Komt hij er één keer in, dan is een deel van die orders opgegeten en is de zone daarna een slappere versie van zichzelf.
Met het blote oog, of gemeten
Vrijwel iedereen tekent supply & demand met de hand. Dat kán, en het werkt ook, maar je moet er behoorlijk goed in zijn: je moet een base kunnen onderscheiden van een gewone pauze, zien of de leg erna echt explosief was, en onthouden of de koers er al een keer geweest is. Wij kunnen dat, en juist daarom weten we hoe wankel het is.
Het probleem is niet het tekenen maar wat eromheen gebeurt. Je tekent er een paar te veel omdat ze er achteraf goed uitzien. Je laat er één staan omdat je er een positie in hebt. Je vindt een zone sterk op maandag en zwak op donderdag, met precies dezelfde candles op je scherm. Dat is geen gebrek aan discipline, dat is wat een mens nu eenmaal doet met iets dat hij zelf mag beoordelen.
Daarom hebben wij het omgedraaid. Wij gebruiken supply & demand kwantitatief: elke zone krijgt een cijfer dat uit de data zelf komt, en de rest haalt het scherm niet. Niet om te voorspellen of een niveau houdt, maar om te meten hoe krachtig de reactie was die hem maakte. Dat is een getal, geen gevoel, en het staat er morgen nog hetzelfde.
Van alles wat op een zone lijkt naar wat er overblijft
Wat er dan op je scherm staat
Dezelfde candles, alleen de zones die het haalden
Dit is waar onze eigen gereedschappen voor zijn. De indicator doet het rekenwerk dat jij anders met je ogen en je geheugen moet doen, en hij doet het elke candle opnieuw, op elk instrument tegelijk, zonder dat het uitmaakt hoe je dag verliep. Jij houdt de beslissing, maar je neemt hem op een scherm waar alleen nog staat wat door de meetlat kwam.
Daar zit het echte voordeel, en dat is niet dat het beter voorspelt. Het is dat er minder te vinden valt. Minder zones betekent minder momenten waarop je jezelf kunt overtuigen, en de trade die je wel neemt is er een die je achteraf kunt nakijken: het cijfer stond er, de regels stonden er, en je kunt zien of je ze gevolgd hebt.
Hoe een zone een cijfer krijgt
Niet elke zone is even goed, en de oudere versie van onze indicator koos gewoon de dichtstbijzijnde. Nu krijgt elke zone een cijfer van 0 tot 100, opgebouwd uit twee dingen die je allebei kunt nameten.
Waar de instap ligt, en de stop
De zone heeft twee randen. De proximal rand is de kant waar de koers vandaan komt, de distal rand is de verre kant. Daartussen ligt alles vast.
De tweestaps instap
Er ligt standaard een limietorder op die instaplijn. Dat werkt, maar je koopt een vallend mes: op dat moment wacht je nog op de reactie waar de hele opzet om begonnen is.
In de tweestaps variant is die 35 procent geen order meer maar een wekker. De zone gaat op scherp, er wordt niets gekocht, en vanaf dat moment kijkt de indicator naar de structuur op je eigen chart.
- De koers komt de zone in
Vijfendertig procent diep. De zone gaat op scherp en de low van die reactiecandle wordt het ankerpunt. Er wordt nog niets gekocht.
- De koers loopt weg en zet een top
Dat is de high die later genomen moet worden. Een draaipunt is pas bekend als er twee candles achter liggen, dus je weet het een uur later op de dertig minuten. Dat is geen vertraging die weg te poetsen is maar de prijs van niet vooruitkijken.
- De koers valt terug en zet een bodem
Nog steeds geen trade. Standaard wil de opzet er twee: terug naar de low van de reactie, weer omhoog, en dan pas die tweede bodem.
- Pas als die top genomen wordt, vult de order
Een stop-order op de doorbraak, met de stop onder de laatst gevormde bodem. Daar is het om te doen: die stop zat onder de hele weekzone en hangt nu onder een bodem van een half uur oud.
Je betaalt een slechtere prijs, want je koopt boven de zone in plaats van erin, en je mist elke zone die meteen wegrent. Daar staat tegenover dat dezelfde afstand naar je doel een veelvoud in R oplevert. Dat is geen andere instap maar een andere strategie, en welke van de twee op jouw instrument beter werkt moet de tabel zeggen, niet je gevoel.
Wat de tools verder uitrekenen
Een cijfer voor de zone is het begin. Daarna komt de vraag waar je precies instapt, waar je stop hangt en waar je doel ligt, en dat zijn stuk voor stuk dingen die je kunt meten in plaats van kiezen. Wij hebben ze gemeten, over jaren aan data en per instrument, want het antwoord verschilt.
De stop: een vaste afstand of een stop op maat
De meeste mensen houden een vaste stopafstand aan, of erger nog een vast bedrag. Dat gaat mis zodra de markt van karakter verandert. Dezelfde afstand is in een rustige week veel te ruim en in een woelige week veel te krap, en in het tweede geval word je uitgestopt door beweging die niets met je idee te maken had.
Daarom rekenen onze tools de stop uit met de ATR: de gemiddelde afstand die een markt de laatste tijd per candle aflegt. Dat is een maat voor volatiliteit, en hij zegt hoeveel ruimte een markt op dit moment nodig heeft om gewoon te ademen.
Dezelfde zone, twee markten
Waar in de zone je instapt
Een zone is een blokje en geen lijn, en dus zit er een keuze in. Stap je in zodra de koers de bovenkant raakt, of wacht je tot hij twintig procent naar binnen is, of tot het midden? Hoe dieper je wacht, hoe beter je prijs en hoe kleiner je risico naar de stop. Maar ook: hoe vaker je hem helemaal mist.
Vier plekken in hetzelfde blokje
En de rest van de vragen die er zijn
Zodra je doorhebt dat dit meetbaar is, blijkt bijna alles het te zijn.
Dit is wat wij met kwantitatief bedoelen. Niet dat een computer beslist, maar dat elke keuze in de opzet een keer is nagerekend in plaats van overgenomen. Waar de instap ligt, hoe ver de stop staat, wanneer het doel valt: het zijn allemaal knoppen, en van elke knop weten wij wat hij op welk instrument doet.
Daar komt de laatste laag bovenop. De fundamentals en de macro zeggen welke kant je die weken serieuzer neemt, het volume zegt waar het geld zijn werk deed, en de zone zegt op welke prijs je dat omzet in een order. Alle drie tegelijk is zeldzaam, en dat is precies waarom je er niet veel per maand hoeft te doen.
Het gevolg is niet dat het altijd goed gaat. Het is dat het niet meer spannend is. Je zit niet naar een scherm te kijken met de vraag of dit hem is. Je weet welke zone door de meetlat kwam, waar je instap ligt, waar je stop hangt en wat het je kost als je ongelijk hebt, en dat stond er allemaal al voordat de koers in de buurt kwam. Dat is geen truc en het is ook niet makkelijk. Het is alleen wel rustig, en daar zijn wij goed in.
Waar het misgaat
Een zone is geen muur. Hij is stuk na twee sloten voorbij zijn rand, niet na één: één slot erdoorheen is een uitschieter, twee is acceptatie. En zones verlopen: een weekzone van vier jaar oud is geen verse order meer maar een herinnering.
Daar komt bij dat een krappe stop een groot gevaar is. Uit onze eigen backtest: een short met 64 dollar risico raakte zijn doel en leverde 71 cent op, omdat de commissie 79 dollar was. Zones die te klein zijn om hun eigen kosten te dragen horen niet op je chart, en daar zit sindsdien een filter op.
Hoe dit samenhangt met de zes instrumenten
De zes vertellen je welke kant je die weken serieuzer neemt. Een supply & demand-zone vertelt je waar je dat doet, en wat het je kost als je ongelijk hebt. Zonder de zes handel je elke zone die langskomt; zonder de zones heb je gelijk zonder instapprijs.
De volumelaag doet daar nog iets bovenop: elke zone krijgt een rol. Brak de beweging die hem maakte dwars door de value area heen, dan is het een uitbraakzone. Bleef alles binnen de value area, dan is het een rotatiezone en zijn de randen van dat gebied je doel.
Veelgestelde vragen
Is dit hetzelfde als steun en weerstand?
Nee. Steun en weerstand zijn lijnen die je tekent omdat de koers er eerder draaide. Een zone is een blokje met een reden: er stonden orders die de markt lieten draaien, en een deel daarvan ligt er nog. Daarom heeft een zone ook een bovenkant en een onderkant, en een stop die daaronder hangt.
Op welke timeframe werkt dit?
De zones komen van een hogere timeframe dan je chart: chart op dertig minuten, zones op dagelijks of wekelijks. Lees je de structuur op dezelfde candles als de zone, dan is er niets te zien.
Hoeveel zones staan er op een chart?
Standaard vier aan elke kant, apart geteld, zodat demand nooit supply van je scherm duwt. Alleen fresh, en alleen boven een minimumcijfer.
Kan ik de indicator krijgen?
Die zit bij het programma. Hij is in Pine geschreven voor TradingView, en er hoort een strategie bij waarmee je de regels kunt toetsen op je eigen instrument in plaats van ze te geloven.
Werkt dit zonder de andere instrumenten?
Het werkt, maar dan handel je elke zone die langskomt. De zes lagen zijn het filter dat bepaalt welke zone je serieus neemt, en dat scheelt meer dan welke instelling in de indicator dan ook.